In haar laatste ALV heeft de Vereniging Het Reewild (VHR) een volgende stap gezet om zich duidelijker te manifesteren in het krachtenlandschap van natuur-belangenorganisaties. Op de regionale ledenvergadering viel onlangs al te beluisteren dat de naamgeving van de vereniging ter discussie staat, nu het ree al jaren geen wild meer is in de zin van wet Natuurbescherming. Op de ALV werd dan ook besloten de statutaire naam van de vereniging te veranderen in “Vereniging Het Ree”. Op de ALV werd dit verder bekrachtigd met een aanzet voor een beleidsplan, waarin de vereniging zich nadrukkelijker inzet als kenniscentrum.

Die positionering bleek ook al uit het feit dat de VHR het convenant met de WBEG niet ondertekende als belangenorganisatie, maar uitsluitend als adviserend lid aanschuift in het bestuur van de WBEG.

De VHR verschilt van mening met de KNJV ten aanzien het opnemen van het ree op de wildlijst. De KNJV streeft naar een brede wildlijst, om de jager meer verantwoordelijkheid te geven bij het beheren van (wild)soorten, en de administratieve lastendruk te verlichten. De VHR ziet geen enkel voordeel in het KNJV-voorstel om het ree op die wildlijst op te nemen. De onderbouwing van het VHR-standpunt is te vinden op de website van de VHR.